Behandeling van koliekpijn bij een urinesteen

U bent in het ziekenhuis opgenomen (geweest) vanwege koliekpijn door een urinesteen. In deze folder vindt u informatie over koliekpijn en de behandelingsmogelijkheden. Ook leest u wat u zelf kunt doen om koliekpijn te voorkomen.

Wat is koliekpijn?

Koliekpijn is aanvalsgewijs optredende, krampende pijn die gepaard gaat met de drang om te bewegen en vaak ook met misselijkheid en braken. In uw geval wordt de pijn veroorzaakt door een zogenaamde urinesteen. Dit is een steen uit de nier die via de urineleider naar de blaas wordt vervoerd. Koliekpijn kan ook ontstaan vanuit de galwegen of de darm. Die vorm van koliekpijn blijft hier buiten beschouwing.

Afbeelding van een steen in de urineleider

Afbeelding 1

Kenmerken

Kenmerken van koliekpijn door een urinesteen zijn:

  • heftig krampende pijn in de zij, aan de zijkant van de buik of in de onderbuik;
  • bij een steen laag in de urineleider: uitstralende pijn naar het urogenitaal gebied, aandrang tot plassen en/of vaak kleine beetjes plassen;
  • koliekpijn kan gepaard gaan met bloed in de urine.
Afbeelding van kenmerken van kolijkpijn door urinesteen in het lichaam.

Afbeelding 2

Behandeling

De meeste urinestenen passeren vanzelf de urineleider en worden uitgeplast zonder urologisch ingrijpen (stenen kleiner dan een halve centimeter komen in 90% van de gevallen vanzelf met de urine naar buiten). Doorgaans verlaat de steen het lichaam binnen enkele dagen tot weken. De behandeling bestaat uit 'afwachten' en het bestrijden van de pijn.

Behandeling met medicatie

De behandeling is in eerste instantie gericht op pijnbestrijding. De volgende geneesmiddelen worden meestal gebruikt.

  • Ontstekingsremmende pijnstillers - Ontstekingsremmende pijnstillers, ook wel NSAID's genoemd, werken pijnstillend, koortsverlagend en ontstekingsremmend. Bij koliekpijn worden ze gebruikt vanwege het effect op de pijn. De koliekpijn is vaak zo hevig dat u ook misselijk bent. Daarom zal de arts de pijnstillers meestal in de vorm van zetpillen voorschrijven of via een injectie toedienen. Voorbeeld is diclofenac. Diclofenac is bij een injectie in de spier werkzaam na 10 tot 30 minuten. Een zetpil heeft ongeveer een kwartier later effect.
  • Morfine - Morfine heeft een sterk pijnstillende werking. Morfine wordt gebruikt als ontstekingsremmende pijnstillers onvoldoende werken of als u geen NSAID's mag gebruiken (bijvoorbeeld bij zwangerschap). U krijgt dan een morfine-injectie. Het effect van een injectie begint na 30 tot 90 minuten en houdt ongeveer 7 uur aan.
  • Scopolaminebutyl injectie- Scopolaminebutyl wordt gebruikt als ontstekingsremmende pijnstillers (NSAID's) en morfine niet werken of niet gegeven mogen worden. Het heft de verkramping op van de spieren van darmen, urinewegen en galwegen. Het werkt meestal binnen 10 tot 30 minuten.
  • Alfuzosine of tamsulosine - Eventueel krijgt u het medicijn alfuzosine of tamsulosine voorgeschreven voor ontspanning van het laatste deel van de urineleider. Hierdoor kunt u de steen sneller uitplassen.

Wat als medicatie niet helpt?

Als medicatie niet helpt en de kans op spontaan uitplassen klein is, kan dit reden zijn om de nierstenen met een urologische ingreep te behandelen. In het Diakonessenhuis zijn hiervoor verschillende mogelijkheden:

  • Niersteenvergruizing - De minst ingrijpende behandeling is behandeling met de niersteenvergruizer (zie folder ‘Niersteenvergruizing’). Niet alle nierstenen zijn geschikt voor niersteenvergruizing. Sommige stenen zijn te hard of te groot.
  • Kijkoperatie via de plasbuis - Als de niersteen niet vergruisd kan worden, behoort een kijkoperatie via de plasbuis, de urineblaas en de urineleider tot de mogelijkheden. Hierbij wordt de steen met een (flexibele) kijker via de plasbuis weggehaald (zie folder ‘Behandeling van een urineleidersteen met ureteroscopie’)
  • Percutane nefrolitholapaxie - Als de niersteen in de nier te groot is of niet met de niersteenvergruizer te vergruizen is, bestaat een kijkoperatie via de huid tot de mogelijkheden (zie folder ‘Behandeling van een grote steen in de nier’).
  • Tijdelijke katheter - Soms lukt het niet meteen om een steen te verwijderen. Om de druk van de urine in de nier te verlagen kan tijdelijk een inwendige JJ-katheter of een uitwendige Nefrostomie-katheter worden geplaatst (zie folders).

Wat kunt u zelf doen aan koliekpijn?

In eerste instantie kunt u de pijn bestrijden met pijnstillers en afwachten tot de urineleider weer ontspant. De pijn gaat vanzelf over. Dit kan enkele minuten tot enkele uren duren. Drink niet tijdens of kort na een koliekaanval. Extra vocht lijdt tot extra urineproductie. Dit verhoogt de druk in de urinewegen en verergert de pijn.

Contact opnemen

Als de pijn ondragelijk is of als de koliekpijn regelmatig terugkeert, neem dan contact op met uw huisarts of met de polikliniek Urologie. Ook als u koorts heeft (temperatuur boven de 38.5) moet u contact opnemen.

Advies ter voorkoming van nieuwe nierstenen

Na de behandeling van de koliekpijn, is de nazorg gericht op het voorkomen van nieuwe nierstenen.

Nierstenen ontstaan doorgaans doordat de concentratie van afvalproducten in de urine zoals kalk, fosfaat, uraat of oxalaat te hoog is. Dit komt vaak door te weinig drinken. Mensen met nierstenen krijgen dan ook het advies om zoveel te drinken dat zij minimaal 2 liter urine per 24 uur uitplassen. Meet als u thuis bent, gedurende een periode van 24 uur of u deze 2 liter urine per dag haalt. Als u minder dan 2 liter urine per dag produceert, adviseren wij u om meer te gaan drinken.
De uitscheiding van de afvalproducten in de urine is het hoogst na een maaltijd. Ook 's nachts is de concentratie van de afvalproducten verhoogd. Advies is daarom om tijdens elke maaltijd extra te drinken en om 's avonds voordat u naar bed gaat een glas water te drinken. Als u 's nachts moet plassen, drink dan weer een glas water. Hierdoor verlaagt de concentratie van de afvalproducten in de urine en vermindert de kans op de vorming van nieuwe nierstenen.

Vervolgonderzoek

Als u vaker last heeft van nierstenen, wordt nader onderzoek gedaan naar de achterliggende oorzaak van de vorming van nierstenen.

Vragen

Met vragen naar aanleiding van deze folder kunt u terecht bij de polikliniek Urologie.

Telefoonnummers

Polikliniek Urologie
088 250 6327

Opmerkingen over de tekst

Vindt u iets onduidelijk beschreven? Of ontbreekt er informatie? Dat horen wij graag. U kunt opmerkingen over de tekst doorgeven via communicatie@diakhuis.nl

Bijgewerkt op: 29 maart 2021

Code: URO27