Opheffen van een darmstoma

U wordt binnenkort opgenomen voor een operatie om de stoma van de dikke of dunne darm op te heffen. In deze folder vindt u informatie over de gang van zaken rond de operatie. Het is goed u te realiseren dat uw situatie anders kan zijn dan beschreven. Stel daarom uw specifieke vragen aan de chirurg, casemanager (verpleegkundig specialist) of coloncareverpleegkundige. Laat uw partner of andere naasten deze folder ook lezen. Zo weten zij wat de operatie en de herstelperiode inhouden. Het doel van het colonherstelprogramma is zo snel mogelijk te herstellen na de operatie.

Voor het terugleggen van de stoma zijn verschillende mogelijkheden: 

  • De stoma wordt teruggelegd op de plek waar de stoma is aangelegd.
  • De stoma wordt teruggelegd via een laparoscopische ingreep (een kijkoperatie).
  • De stoma wordt teruggelegd via een klassieke operatie (de buik wordt opgemaakt via een buiksnede). 

Uw arts vertelt u welke techniek hij/zij bij u gaat toepassen.

Verdoving 

De operatie vindt plaats onder algehele verdoving (narcose). Meer hierover leest u in de folder Algehele en regionale anesthesie. Daar vindt u ook voorschriften over nuchter zijn en medicatiegebruik.

Voorbereiding voor de opname

Na het bezoek aan de chirurg heeft u een afspraak bij de coloncareverpleegkundige om u voor te bereiden op de operatie en het herstelprogramma. Deze afspraak duurt een half uur tot een uur. U kunt kiezen voor een afspraak in het ziekenhuis of een telefonische afspraak. De coloncareverpleegkundige bespreekt met u de volgende zaken:  

  • Voorlichting over de operatie
  • Eventueel darmvoorbereiding
  • Herstelperiode
  • Voeding
  • Ontlastingpatroon na de operatie
  • Leefregels voor en na de operatie
  • Anamnese (belangrijkste gegevens verzamelen)
  • Vragen beantwoorden                                      
  • Mentale ondersteuning

Preoperatieve screening 

Een preoperatieve screening (POS) bestaat uit twee afspraken: met de anesthesioloog en met de apotheker. Dit is meestal telefonisch. Bij deze screening controleren we uw gezondheid voor de operatie. We bespreken hierbij uw medische voorgeschiedenis, allergieën en medicijngebruik. Soms zijn aanvullende onderzoeken nodig, zoals een bloedonderzoek en een hartfilmpje.

Contactpersoon 

Uw contactpersoon kan uw partner en/of een naaste zijn. Deze kan een belangrijke rol spelen in uw herstel en bij praktische zaken. Uw contactpersoon is ook het eerste aanspreekpunt voor verpleegkundigen en artsen. U kiest zelf uw contactpersoon. Wij geven alleen informatie aan uw contactpersoon. 

Goede conditie

Het streven is dat u 2 tot 3 dagen na de operatie weer naar huis kunt. U heeft zelf een belangrijke rol in het herstelprogramma. Het herstel van de operatie vraagt veel inzet van u. 

Het is belangrijk dat u voor uw operatie in een zo goed mogelijke conditie bent. Dit betekent dat u in de weken voor de operatie voldoende moet bewegen en goed en gezond moet eten. Zie de folder Werken aan een goede conditie voor uw darmoperatie.

Meenemen 

In de folder Opname in het Diakonessenhuis leest u wat u mee moet nemen voor uw opname. 

Verhinderd 

Bent u verhinderd voor de operatie? Wilt u dit dan zo spoedig mogelijk (uiterlijk 48 uur voor de opname) melden aan de opnameplanner Chirurgie? Het telefoonnummer vindt u achter in deze folder. Er kan dan iemand anders in uw plaats komen. Bovendien kunt u meteen een nieuwe afspraak maken.

De opnamedag

De dag voor de opname wordt u gebeld door secretaresse waar en hoe laat u zich moet melden in het ziekenhuis. Dit is afhankelijk van het soort operatie, de voorbereiding en het tijdstip van de operatie. Houd rekening met het verkeer en parkeren zodat u op het afgesproken tijdstip aanwezig bent.

Na uw aankomst op de verpleegafdeling

  • De verpleegkundigen van de afdeling maken u en uw partner/familie wegwijs op de afdeling en bereiden u (verder) voor op de operatie.
  • U krijgt om beide polsen een bandje met uw naam en een barcode. Deze houdt u om totdat u met ontslag gaat.
  • Indien nodig wordt bloed bij u afgenomen ter voorbereiding op de operatie.
  • Vanaf vandaag krijgt u dagelijks een injectie Fraxiparine om de kans op trombose te verminderen. De injecties worden in de avond gegeven.
  • Een goede voeding vóór de operatie kan helpen bij uw herstel. Daarom krijgt u de avond voor de operatie een koolhydraatrijke drank te drinken (Pre-Op). U krijgt dit niet als u diabetes heeft.
  • Afhankelijk van de operatie krijgt u voor de operatie een klysma om het laatste stukje van de darm schoon te maken, soms in combinatie met een klysma via de stoma.
  • U mag tot 6 uur voor de operatie eten en tot 2 uur voor de operatie Pre-Op en water drinken. Daarna mag u tot de operatie niets meer eten en drinken.
  • Gebruikt u medicijnen? De verpleegkundige of arts vertelt u welke medicijnen u gewoon mag innemen en welke u eventueel (tijdelijk) niet mag innemen.
  • Tijdens de hele opname kunt u met al uw vragen bij het team van de verpleegafdeling terecht.

De operatiedag

Voor de operatie gaat u douchen. U krijgt een operatiejasje en broekje aan. U krijgt een schoon bed, u gaat plassen, u verwijdert eventueel uw gebit en doet alle sieraden af. 

Een uur voor de operatie krijgt u pre-medicatie bestaande uit een voorbereiding op de pijnstilling, een maagbeschermer en soms een rustgevend medicijn. De anesthesioloog heeft deze medicatie vastgesteld tijdens uw intakegesprek op de POS.

Na de operatie

Uitslaapkamer

Na de operatie blijft u enkele uren op de uitslaapkamer. U heeft dan een aantal slangetjes om u heen. Sommige houden uw lichaamsfuncties in de gaten, zoals uw hartslag en bloeddruk. Andere ondersteunen uw lichaam na de ingreep, zoals infuus, zuurstof, en blaaskatheter. Zodra u terug bent op de verpleegafdeling belt de verpleegkundige uw contactpersoon. Dit is een paar uur nadat de chirurg heeft gebeld.

Terug op de afdeling

  • U heeft een infuus om vocht en eventueel medicijnen toe te dienen.
  • U krijgt van een verpleegkundige op vaste tijden pijnstilling via het infuus of in tabletvorm. De verpleegkundige vraagt u geregeld hoe het met de pijn gaat. Zo nodig kan de pijnstilling in overleg met de arts aangepast worden. Het is heel belangrijk dat uw pijn uw functioneren niet belemmert. We adviseren u bij pijn of gevoeligheid het wondgebied te ondersteunen met uw hand of een kussentje, bijvoorbeeld bij hoesten.
  • Een slangetje in uw neus zorgt voor toediening van zuurstof.
  • De verpleegkundige meet regelmatig uw temperatuur, pols en bloeddruk.    

Dagprogramma gedurende de herstelperiode in het ziekenhuis 

De eerste dagen na de operatie is het belangrijk dat u actief werkt aan uw herstel. Dit doet u met ondersteuning van chirurgen, zaalartsen, verpleegkundigen, zo nodig fysiotherapeuten. Zij zetten zich samen met u in om uw operatie en de herstelperiode zo goed mogelijk te laten verlopen. 

Om de darmbewegingen weer op gang te krijgen is het belangrijk dat u weer gaat drinken zodra dat mogelijk is. Probeer een halve liter te drinken na de operatie. Als dit goed gaat kunt u starten met een optimaal dieet met eiwitrijke tussendoortjes. Verspreid het eten over de dag en kauw zo goed mogelijk. U kunt het beste aan tafel eten. Probeer de komende dagen het dieet uit te breiden. 

Als u misselijk bent, bespreek dit dan met de verpleegkundige voor eventueel medicatie. 

Het is belangrijk dat u snel weer in beweging komt na de operatie. Bewegen is goed voor uw herstel. Door snel weer uit bed te komen, zorgt u voor een sneller herstel van spieren, longen, botten en conditie. Hierdoor neemt de kans op complicaties af. Bij de eerste dagen heeft u hierbij ondersteuning nodig tot u dit zelf kunt. Zie de folder Beter uit bed

De dagen na de operatie heeft u waarschijnlijk hulp nodig bij de lichamelijke zorg tot u dit zelf weer kunt. De eerste 48 uur mag u niet douchen. 

Als u pijn heeft ondanks de pijnstilling, bespreek dit dan met de verpleegkundige. 

De dagen na de operatie worden. na overleg met de chirurg, de slangetjes verwijderd zoals infuus en blaaskatheter. 

Wondbehandeling 

Soms wordt de wond van het stoma helemaal gesloten. Dit gebeurt meestal met oplosbare hechtingen. Deze lossen vanzelf op. Als uw wond gesloten is, heeft deze geen verzorging nodig. U kunt de wond bedekken met een pleister of met een gaasje. Als u hebt gehoord dat er toch hechtingen moeten worden verwijderd, dan zien wij u hiervoor 2 weken na de operatie terug. 

Soms wordt de wond gedeeltelijk opengelaten. Daardoor kan er wondvocht uit de wond lekken en is er minder kans op infectie. Is uw wond gedeeltelijk open, spoel deze dan dagelijks. Dit kan het beste onder de douche, waarbij u (warm) water zonder zeep in de wond laat lopen. Na het spoelen kunt u de wond voorzichtig droogdeppen en daarna bedekken met een pleister of een gaasje. 

In de wond van een stoma ontstaat soms een ontsteking in de week na de operatie. Als u merkt dat de wond rood/warm wordt of als er vies vocht uit komt, neem dan contact op. Soms moeten we de wond dan iets verder openmaken, zodat u deze goed kunt spoelen.

Ontlasting

Na het opheffen van de stoma krijgt de ontlasting weer zijn normale verloop. U krijgt laxeermiddelen. Deze zorgen ervoor dat de ontlasting soepel wordt en makkelijker langs het operatiegebied kan. 

In het begin kunt u vaak en onregelmatig aandrang hebben. Meestal herstelt dit binnen enkele weken. Het kan ook gebeuren dat u ongewild wat ontlasting verliest. Soms komen de darmen juist moeilijk op gang. In beide gevallen kunnen medicijnen helpen. Meld eventuele problemen bij de verpleegkundige van de afdeling of, als u thuis bent, bij de coloncareverpleegkundige. Afhankelijk van de eerdere darmoperatie kunnen de darmen langer nodig hebben om te herstellen, soms wel een half jaar tot een jaar.

Mogelijke complicaties

Geen enkele operatie is zonder risico’s. Zo is ook bij een operatie aan de darm de kans op complicaties aanwezig, zoals trombose, longontsteking, nabloeding of wondinfectie. 

Een specifieke complicatie die kan voorkomen bij het opheffen van een darmstoma, is een lekkage van de darmnaad (anastomose). Dit is het gebied waar de twee darmdelen weer aan elkaar gezet zijn. In dit geval volgt er een nieuwe operatie en wordt er opnieuw een stoma aangelegd. Dit om het gebied waar de lekkage is opgetreden met rust te laten en te laten genezen. Als u veranderingen opmerkt in het genezingsproces, meld dit dan bij de verpleegkundige. 

Na deze buikoperatie is het belangrijk om de druk op de buikspieren zo klein mogelijk te houden om het risico op een buikwandbreuk te verkleinen. Tijdens de opname mag u daarom geen gebruik maken van de optrekbeugel (papagaai) boven het bed. 

Ontslag

U kunt met ontslag zodra: 

  • de pijn onder controle is, eventueel met pijnmedicatie
  • u voldoende eet en drinkt
  • u weer kunt lopen en bewegen zoals voor de operatie
  • de lichamelijke controles goed zijn
  • de bloeduitslagen goed zijn
  • de ontlasting op gang is
  • de wondjes goed herstellen

 

Leefregels

Voor uw herstel is het van belang dat u actief blijft. Welke activiteiten u wel of niet kunt doen is afhankelijk van de hinder die u ondervindt aan het operatiegebied. Het is hierbij belangrijk om de komende periode aan uw conditie te werken. Zie de folder Beter uit bed.

Om de buikwand zo goed mogelijk te laten genezen is het belangrijk om de eerste 6 weken na de operatie de druk op de buikspieren beperkt te houden. Daarom adviseren wij om gedurende deze periode niet meer dan 4 tot 5 kilo te tillen. Tillen en andere fysieke inspanning mag in ieder geval geen pijn doen aan de buikwand en het operatiegebied. Verder geldt: dat wat u kunt doen, mag ook. Het is dus belangrijk dat u luistert naar uw lichaam.

Na de operatie kan het zijn dat u enige tijd last heeft van vermoeidheid. Dit kan komen doordat het lichaam hard aan het werk is om te herstellen en dat gaat en koste van uw normale conditie. Sommige medicijnen (zoals morfine) kunnen ook voor vermoeidheid zorgen. Wij adviseren u een eiwitrijke voeding, omdat eiwitten zorgen voor een beter herstel na operatie. Zie de folders Adviezen voor een eiwit en energieverrijkt dieet en 'Naar huis na een darmoperatie'.

Wanneer u weer helemaal van de operatie hersteld zult zijn, hangt af van de grootte van de operatie, de aard van de aandoening en uw conditie voor en na de operatie. Houd er rekening mee dat het herstel thuis verder doorgaat en dat u in totaal 2 tot 6 weken nodig heeft om helemaal te herstellen.

Problemen thuis

Wanneer moet u ons bellen? 

Neem in de volgende gevallen contact op met het ziekenhuis: 

  • als u aanhoudende koorts heeft
  • als pijn 1 uur na het innemen van de afgesproken pijnmedicatie ondraaglijk blijft
  • bij veranderingen aan de wond (roodheid, warmte, zwelling en/of pus uit de wond)

Wie moet u bellen? 

  • De eerste 24 uur na ontslag belt u tijdens kantoortijden met de afdeling waar u behandeld bent.
  • De dagen erna belt u tijdens kantoortijden met de polikliniek Chirurgie.
  • Buiten kantoortijden belt u in geval van spoed het algemene nummer van het ziekenhuis 088 250 5000. Vraag naar de dienstdoende arts-assistent Chirurgie. 

Met vragen die kunnen wachten, kunt u terecht bij de polikliniek. Dit kan telefonisch of via de app BeterDichtbij. 

Vragen

Heeft u nog vragen, dan kunt u contact opnemen met de coloncareverpleegkundige of de polikliniek Chirurgie.

Telefoonnummers

Polikliniek Chirurgie 
088 250 5333 

Opnameplanner Chirurgie 
088 250 5333 

Coloncareverpleegkundige Chirurgie  
088 250 6639 (maandag en donderdag van 13.00 tot 15.00 uur) 

Stomaverpleegkundige 
088 250 5761 (op werkdagen van 7.30 tot 16.00 uur) 

Verpleegkundig specialist  
088 250 6562 
 
Verpleegafdeling Maag-darm-leverziekten en chirurgie (F1)  
088 250 6451 (kamer 23-26) / 088 250 6452 (kamer 15-22) 

Algemeen nummer Diakonessenhuis 
088 250 5000 

Opmerkingen over de tekst

Vindt u iets onduidelijk beschreven? Of ontbreekt er informatie? Dat horen wij graag. U kunt opmerkingen over de tekst doorgeven via [email protected].

Bijgewerkt op: 30 juli 2026

Code: MDL31