Verwijderen van poliepen of klein gezwel in de darm via transanale endoscopische microchirurgie (TEM)

U wordt binnenkort geopereerd aan de endeldarm vanwege poliepen of een klein gezwel in de darm via transanale endoscopische microchirurgie (TEM). De chirurg heeft al het een en ander met u doorgesproken. Voor deze operatie wordt u gemiddeld twee dagen opgenomen in het Diakonessenhuis locatie Utrecht. In deze folder kunt u de informatie over de operatie en de gang van zaken tijdens de operatie nog eens rustig nalezen. Algemene informatie over een opname in het ziekenhuis vindt u in de folder ‘Opname in het Diakonessenhuis’.

Wat is transanale endoscopische microchirurgie?

Transanale endoscopische microchirurgie (TEM) is een operatietechniek waarbij poliepen en kleine gezwellen in de endeldarm via de anus verwijderd worden. De endeldarm is het laatste deel van de darm. De poliepen of het gezwel moeten tussen de 4 en 15 cm van de anus gelegen zijn.

Voorbereidingen

Preoperatieve screening

Kort nadat u met de chirurg heeft afgesproken dat u deze operatie ondergaat, heeft u een afspraak voor een preoperatieve screening. Tijdens de preoperatieve screening heeft u een gesprek met de anesthesioloog, een medewerker van de apotheek en een gesprek met een coloncareverpleegkundige.  

Gesprek met de anesthesioloog
Een anesthesioloog is een arts die tijdens de operatie de verdoving verzorgt. De medische term voor verdoving is anesthesie. De anesthesioloog neemt een vragenlijst met u door en bespreekt met u de verdoving voor deze operatie. Deze operatie vindt plaatst onder algehele verdoving. De anesthesioloog vraagt u naar uw medicijngebruik en spreekt met u af of u met bepaalde medicijnen van tevoren moet stoppen. Meer informatie over de verdoving, nuchter zijn en medicijngebruik vindt u in de folder ‘Algehele en regionale anesthesie’.

Gesprek met de medewerker van de apotheek
De medewerker van de apotheek vraagt u naar de medicijnen die u gebruikt in en zet deze in de computer. Zo hebben de chirurg, anesthesioloog en verpleegkundige goed inzicht in uw medicijngebruik. Zorg ervoor dat u een actueel overzicht van uw medicatie meeneemt naar het gesprek met de apotheekmedewerker. U kunt dit overzicht opvragen bij uw eigen apotheek.

Gesprek met de coloncareverpleegkundige
De coloncareverpleegkundige geeft u informatie over uw opname, uw operatie, de herstelperiode en de leefregels voor thuis. En stelt u vragen die belangrijk zijn voor een succesvolle behandeling en een goed herstel. De coloncareverpleegkundige is voor en na de operatie uw aanspreekpunt. U kunt bij haar terecht met al uw vragen rond de operatie en het herstel. Ook als u weer thuis bent, kunt u contact met haar opnemen.

Voorbereidingen thuis

Meenemen

In de folder ‘Opname in het Diakonessenhuis ‘ leest u wat u moet meenemen voor uw opname. U kunt deze folder inzien en downloaden via de website www.diakonessenhuis.nl/folders > Algemeen.

Medicijnen

  • Neem op de dag van uw opname een actueel overzicht mee van de medicijnen die u gebruikt.
  • Neem voor één dag medicijnen mee naar het ziekenhuis. Op de andere dagen krijgt u uw medicijnen van het ziekenhuis.

Verhinderd

Bent u verhinderd voor een van de gesprekken of voor de operatie? Geef dit dan zo spoedig mogelijk (uiterlijk 48 uur voor de opname) door. Er kan iemand anders in uw plaats komen. Bovendien kunt u meteen een nieuwe afspraak maken. Het telefoonnummer vindt u onder het kopje 'Telefoonnummers'.

Opname en operatie

Melden

De opnamedag is afhankelijk van de operatietijd. De dag voor de operatie wordt u gebeld door de secretaresse van de afdeling. Zij vertelt u of u de avond voor de operatie of de ochtend van de operatie wordt opgenomen. U meldt zich dan op de verpleegafdeling. De secretaresse zorgt ervoor dat u wordt ontvangen door de verpleegkundige.

Voorbereidingen in het ziekenhuis

De verpleegkundigen van de afdeling maken u en uw partner/familie wegwijs op de afdeling en bereiden u (verder) voor op de operatie.

  • De verpleegkundige van de afdeling brengt u op de hoogte van de gang van zaken op de afdeling en neemt met u door of alle voorbereidingen voor de operatie zijn getroffen.
  • Er wordt zo nodig bloed bij u afgenomen.
  • Vanaf de dag van opname krijgt u iedere avond van een verpleegkundige een injectie Fraxiparine om de kans op trombose te verminderen.
  • Goede voeding voor de operatie kan bijdragen aan uw herstel. Daarom krijgt u de avond voor de operatie ‘Pre-op’, een koolhydraatrijke drank. Als u diabetespatiënt bent, krijgt u dit niet omdat dit te veel suikers bevat.
  • U mag tot zes uur voor de operatie normaal eten. Tot twee uur voor operatie mag u water drinken. Vanaf twee uur voor de operatie moet u nuchter blijven. Dit betekent dat u vanaf twee uur voor de operatie niets meer mag eten en drinken.
  • Gebruikt u medicijnen? De verpleegkundige of arts vertelt u welke medicijnen u gewoon mag innemen en welke u eventueel (tijdelijk) niet mag innemen.
  • De verpleegkundige vertelt u hoe laat u ongeveer geopereerd wordt.
  • Tijdens uw verblijf in het ziekenhuis kunt u met uw vragen bij de verpleegkundigen van de afdeling terecht.

Voorbereiding voor de operatie

  • Voor de operatie moet de endeldarm vrij zijn van ontlasting. Daarom krijgt u twee uur voor de operatie 1 of 2 klysma’s.
  • Een uur voor de operatie krijgt u de premedicatie. Dit zijn medicijnen tegen de pijn. Als u nerveus bent kunt u, als dat is afgesproken met de anesthesist, een rustgevend middel krijgen.
  • Kort voor de operatie krijgt u een operatiejasje en een ziekenhuisbroek aan.
  • Bril, lenzen en gebitsprothese moeten voor de operatie worden afgedaan of verwijderd. U kunt deze achterlaten in uw nachtkastje of in de afsluitbare kledingkast op de verpleegafdeling.
  • Hierna wordt u in uw bed naar de operatieafdeling gebracht. Daar wordt u ontvangen in een wachtruimte (holding) waar ook andere patiënten liggen die een operatie ondergaan. Als u aan de beurt bent, haalt de verpleegkundige of de anesthesist u op om u naar de operatiekamer te brengen. Daar krijgt u een infuus voor het toedienen van de narcose.

Gang van zaken tijdens de operatie

Op de operatiekamer dient de anesthesist de narcose toe via het infuus. Tijdens de operatie wordt een kijkbuis, met een doorsnede van vier centimeter, via de anus ingebracht. Er wordt lucht in de endeldarm geblazen. Vervolgens wordt met een mesje de poliep of het gezwel losgemaakt en verwijderd. Meestal wordt hierna het slijmvlies van de endeldarm gehecht en vaak wordt er een gaastampon achtergelaten in de endeldarm.

Soms blijkt tijdens de operatie dat het toch niet mogelijk is om de TEM-techniek bij u toe te passen. Op dat moment wordt tot een buikoperatie overgegaan. Dit is zeldzaam en gebeurt alleen als dit echt nodig is.

Duur van de operatie

De operatieduur is afhankelijk van de grootte van de afwijking en kan variëren van 30 minuten tot drie uur.

Weefselonderzoek

Alle weefsels die tijdens de operatie worden verwijderd, worden in het laboratorium onder de microscoop onderzocht. De uitslag van het weefselonderzoek is gemiddeld vijf tot zeven dagen na de operatie bekend. De arts bespreekt de uitslag van het onderzoek met u tijdens een afspraak op de polikliniek.

Na de operatie

Uitslaapkamer

Na de operatie verblijft u enige tijd op de uitslaapkamer (recovery-afdeling). Hierna gaat u terug naar de verpleegafdeling. De chirurg neemt telefonisch contact op met uw partner/familie om te vertellen hoe uw operatie is verlopen.

Na de operatie heeft u:

  • een infuus om vocht en eventueel medicijnen toe te dienen
  • vaak een katheter waar urine in afloopt
  • een slangetje in uw neus waardoor u zuurstof toegediend krijgt
  • eventueel een tampon in uw anus

Bij- en nawerkingen

Na de operatie kunt u last hebben van misselijkheid, pijn en bloedverlies. Mocht u pijn hebben of misselijk zijn, vraag hier dan gerust iets voor aan de verpleegkundige.

Terug op de afdeling

Zodra u terug bent op de verpleegafdeling neemt de verpleegkundige telefonisch contact op met uw partner en/of familie. Dit is een paar uur nadat de chirurg heeft gebeld met uw partner/familie. De verpleegkundige controleert regelmatig uw bloeddruk, hartritme en urineproductie. De verpleegkundige vraagt ook regelmatig naar uw pijnbeleving.

De zorg op de verpleegafdeling

  • De verpleegkundige vraagt hoe het gaat met u gaat, of u pijn heeft of misselijk bent. Het is belangrijk goed aan te geven wat u voelt. De verpleegkundige kan u hier iets voor geven.
  • Na de operatie mag u weer normaal eten.
  • Elke dag komt de zaalarts met de verpleegkundige bij u om uw herstel te bespreken. Zij bespreken met u wanneer bijvoorbeeld een infuus wordt verwijderd en wat u nodig heeft aan pijnbestrijding en medicatie. Ook beantwoorden zij uw eventuele vragen.
  • De verpleegkundige helpt u zo nodig bij het wassen.
  • De verpleegkundige spreekt samen met u af wanneer u weer uit bed kunt. Het is belangrijk dat u weer snel in beweging komt. Volledige bedrust verhoogt de kans op trombose, belemmert de darmwerking en vermindert het vermogen om goed door te ademen en te hoesten. We streven ernaar dat u de avond na de operatie in een stoel kunt zitten. De verpleegkundige helpt u hierbij. Zie ook de folder 'Beter uit bed'.
  • Als er een tampon in de anus is ingebracht, dan wordt deze de 1e dag na de operatie verwijderd.
  • U krijgt dagelijks vezels (psyllium) om de ontlasting soepel te houden. U kunt de eerste dagen namelijk minder goed persen.

Risico's en mogelijke complicaties

In verhouding tot een grote buikoperatie is er na een TEM-operatie minder kans op complicaties. Toch kunnen er, net als na iedere darmoperatie, complicaties optreden:

  • U kunt een nabloeding of ontsteking krijgen of de inwendige hechting van de darm geneest niet goed. In een zeer zeldzaam geval moet als gevolg hiervan een stoma (kunstmatige darmuitgang op de buik) aangelegd worden. Dit is meestal van tijdelijke aard.
  • U kunt kort na de operatie wat pijnklachten aan de anus ervaren.
  • U kunt de eerste één à twee weken wat bloed verliezen bij de ontlasting. Dit gaat meestal vanzelf over. Bij twijfel kunt u altijd contact opnemen met de coloncareverpleegkundige of casemanager.
  • U kunt uw ontlasting de eerste tijd na de operatie wat minder goed ophouden. Dit herstelt vanzelf en is na enkele weken tot maanden weer normaal. Als u hier last van blijft houden, bespreek dit dan met uw chirurg.

Ontslag

Naar huis

Als uw herstel goed verloopt, mag u twee dagen na de operatie weer naar huis. Het tijdstip van vertrek ligt meestal tussen 10.00 en 11.00 uur. Uw huisarts ontvangt een ontslagbrief.

Leefregels

  • Het is belangrijk uw ontlastingspatroon de eerste week goed in de gaten te houden omdat u niet hard mag persen. Het is belangrijk dat de ontlasting soepel blijft. Daarom krijgt u voor de eerste zes weken vezels mee.
  • U mag gedurende een maand geen zetpillen gebruiken. Als u langere tijd geen zetpillen mag gebruiken, dan bespreekt de arts dit met u.

Problemen thuis

De coloncareverpleegkundige neemt een week na ontslag uit het ziekenhuis telefonisch contact met u op. Als er thuis vragen bij u opkomen of als er zich problemen voordoen, aarzel dan niet om zelf contact op te nemen met de coloncareverpleegkundige of casemanager. Het telefoonnummer vindt u onder het kopje ‘Telefoonnummers’. Ook buiten kantooruren kunt u via dit nummer terecht met uw vragen. U krijgt dan de afdelingsverpleegkundige aan de telefoon.

Neem in de volgende gevallen contact op met de coloncareverpleegkundige of casemanager:

  • bij koorts (boven de 38,5C)
  • aanhoudend braken, hevige buikpijnen
  • bij ernstig of langdurig bloedverlies (langer dan twee weken)
  • als u zich ergens onzeker over voelt of vragen heeft

Controleafspraak op de polikliniek

Bij ontslag uit het ziekenhuis krijgt u een controleafspraak mee voor een afspraak met de chirurg. Deze afspraak is meestal één week na ontslag.

Na de operatie blijft u onder controle van de chirurg. Als het nodig is, wordt uw dikke darm bekeken met een endoscoop. De chirurg kan zo zien of de verwijderde poliep weg blijft en er geen nieuwe poliepen in de darm ontstaan. Na het verwijderen van een kwaadaardig gezwel, wordt de nacontrole uitgebreid met bloedonderzoek en soms een röntgenonderzoek.

Vragen

Heeft u na het lezen van deze folder nog vragen? Neem dan contact op met de coloncareverpleegkundige. Het telefoonnummer vindt u onder het kopje 'Telefoonnummers'.

Telefoonnummers

Coloncareverpleegkundige Chirurgie
088 250 6639 (maandag t/m vrijdag van 13.00 tot 15.00 uur) Bij spoedgevallen 24 uur bereikbaar

Polikliniek Chirurgie
088 250 5333

  • toets 1 voor het maken / verzetten van afspraken op de polikliniek in Utrecht en Zeist
  • toets 2 voor vragen rond opname
  • toets 3 voor medisch inhoudelijke vragen
  • toets 4 voor overige vragen

Voor het maken of verzetten van afspraken op de polikliniek in Doorn kunt u bellen met polikliniek Doorn, telefoonnummer 088 250 8888.

Opmerkingen over de tekst

Vindt u iets onduidelijk beschreven? Of ontbreekt er informatie? Dat horen wij graag. U kunt opmerkingen over de tekst doorgeven via communicatie@diakhuis.nl.

Bijgewerkt op: 18 mei 2021

Code: MDL21