Blaasspoeling met Mitomycine/Epirubicine

U heeft een oppervlakkige vorm van kanker in de blaas (poliepen) en u bent daarvoor geopereerd. Alle poliepen zijn verwijderd uit uw blaas, maar sommige poliepen hebben sterk de neiging om terug te komen (recidief). Om de kans op een recidief te verkleinen, krijgt u blaasspoelingen met Mitomycine of Epirubicine.

Wat is blaaskanker?

Vrijwel alle vormen van blaaskanker ontstaan in de cellaag die de binnenbekleding van de blaas vormt (urotheel). De meeste blaastumoren doen zich voor als kleine wratachtige gezwellen aan de binnenzijde van de blaas. Deze poliepen kunnen met een eenvoudige ingreep verwijderd worden omdat ze oppervlakkig ingroeien in het slijmvlies van de blaas. Om de kans op terugkeer van de blaastumor te verkleinen kan gekozen worden voor blaasspoelingen. Een blaastumor kan ook diep ingroeien in de blaaswand waarbij uiteindelijk ook de dieper gelegen spierwand wordt aangetast. Voor deze vorm van blaaskanker is het spoelen van de blaas te laat en wordt vaak besloten tot een totale verwijdering van de blaas (cystectomie).

Wat is Mitomycine/Epirubicine?

Mitomycine/Epirubicine is een geneesmiddel dat de celdeling remt (cytostaticum). Vooral sneldelende (tumor) cellen zijn gevoelig voor dit middel. De behandeling met cytostatica wordt ook wel chemotherapie genoemd. Mitomycine/Epirubicine wordt rechtstreeks via een katheter in de blaas gebracht. Zo wordt een zo groot mogelijk resultaat bereikt met zo min mogelijk bijwerkingen. U krijgt door deze methode geen last van maag/darmklachten of haaruitval.  

De behandeling

Enkele weken na de operatie vindt de eerste blaasspoeling plaats op het Dagbehandelcentrum Oncologie/ Hematologie van het Diakonessenhuis (locatie Utrecht).

Behandelingsschema

De spoelingen en controles vinden volgens onderstaand schema plaats.

PeriodeFrequentie blaasspoeling en controle
maand 1een keer per week een spoeling
maand 2 en 3 een keer per maand spoeling
maand 4 Controle-onderzoek. Bij terugkeer van de tumor wordt deze operatief verwijderd. Bij geen terugkeer: verder gaan met de spoelingen (zie onder).
maand 5, 6 en 7een keer per maand spoeling
maand 8Controle-onderzoek. Als de tumor niet is teruggekeerd, wordt de blaasspoeling gestopt. Blaasonderzoek gedurende minimaal 5 jaar.

Afspraak maken

Aansluitend op uw eerste polikliniekbezoek na operatie maakt de polikliniekassistente een afspraak voor de spoelingen op het Dagbehandelcentrum Oncologie/Hematologie.

Verhinderd

Heeft u een blaasontsteking of plast u bloed? Dan kan de blaasspoeling niet doorgaan. Geef uiterlijk 24 uur van tevoren door dat u verhinderd bent. U kunt contact opnemen met het Dagbehandelcentrum Oncologie/ Hematologie. Het telefoonnummer vindt u verderop in deze folder. 

Voorbereiding

Het is de bedoeling dat de Mitomycine/Epirubicine na toediening twee uur in uw blaas blijft zitten. U moet proberen in die tijd niet te plassen. Daarom adviseren wij u om 4 uur voor de spoeling zo weinig mogelijk te drinken.

Gang van zaken

Vóór elke blaasspoeling wordt gevraagd of u last heeft van een blaasontsteking of bloed plast. In beide gevallen zal de blaasspoeling een week worden uitgesteld. In geval van een blaasontsteking dient u ook nog vijf dagen antibiotica te nemen. Als er geen sprake is van bloedplassen en/of blaasontsteking komt u in aanmerking voor een blaasspoeling.  

De verpleegkundige plaatst via de plasbuis een katheter in uw blaas. Dit kan even een branderig gevoel geven. Via de katheter wordt eerst de blaas leeggemaakt. Vervolgens wordt via dezelfde katheter de Mitomycine/Epirubicine in de blaas gebracht. Hierna haalt de verpleegkundige de katheter er weer uit. Het is de bedoeling dat uw blaas ongeveer twee uur lang gevuld is met het cytostaticum. Probeer in die tijd niet te plassen. Dan is namelijk het effect van de spoeling het grootst. Na twee uur moet u zittend het medicijn uitplassen. Dit doet u op het dagbehandelcentrum. Spoel het toilet twee keer achter elkaar door met gesloten deksel en was grondig uw handen. Hierna kunt u naar huis. Als u op uw kleding geknoeid heeft, moet u deze met water afspoelen en in de was doen.

Na de behandeling

Leefregels en adviezen

  • Spoel de eerste 24 uur na de behandeling de toilet na toiletgebruik twee keer door met gesloten deksel. 
  • Geslachtsgemeenschap wordt ontraden op de dag van de spoeling en de dag erna. 

Bijwerkingen

De meeste mensen verdragen de blaasspoeling probleemloos. Het is echter mogelijk dat u na de blaasspoeling toch klachten krijgt. Zo kunt u de middag na de spoeling wat meer aandrang hebben om te plassen. Misschien moet u wat vaker plassen en is het plassen wat gevoeliger. Er kan wat bloed in de urine zitten. Dit kan wijzen op een irritatie van de katheter of op een blaasontsteking. Soms kan er enige huidirritatie optreden.  

Controle

De uroloog zal tijdens de behandeling regelmatig in de blaas kijken (cystoscopie) om het effect van de spoelingen te controleren. Daarnaast controleert de uroloog ook regelmatig uw urine op een blaasontsteking en eventuele tumorcellen.

Uw aanspreekpunt

De oncologieverpleegkundige is uw vaste aanspreekpunt in het ziekenhuis. Zij weet veel van uw ziekte, de behandeling en de gevolgen ervan op uw dagelijks leven. Zij informeert en begeleidt u en heeft aandacht voor uw persoonlijke ervaringen en problemen die te maken hebben met uw ziekte. Via de polikliniek Urologie kunt u een afspraak met haar maken.

Vragen

In geval van medische vragen en lichamelijke klachten belt u de polikliniek Urologie. Als u uw afspraak voor de spoeling wilt wijzigen of annuleren kunt u terecht bij het Dagbehandelcentrum Oncologie/Hematologie. De telefoonnummers vindt u achter in deze folder.

Telefoonnummers

Oncologieverpleegkundige urologie
088 250 6879

Polikliniek Urologie
088 250 6327

Dagbehandelcentrum Oncologie/Hematologie
088 250 6562

Opmerkingen over de tekst

Vindt u iets onduidelijk beschreven? Of ontbreekt er informatie? Dat horen wij graag. U kunt opmerkingen over de tekst doorgeven via communicatie@diakhuis.nl

Bijgewerkt op: 5 april 2022

Code: URO18