Fluorescentie-onderzoek

U heeft een afspraak gemaakt voor een fluorescentie-onderzoek. Dit onderzoek vindt plaats op de polikliniek Oogheelkunde. In deze folder vindt u informatie over de gang van zaken rond het onderzoek. Het is belangrijk dat u zich realiseert dat de situatie voor u anders kan zijn dan is beschreven.

Algemeen

Wat is een fluorescentie-onderzoek?

Tijdens het fluorescentie-onderzoek worden de bloedvaten van het netvlies (retina) en het vaatvlies (chorioidea) van het oog met een contrastvloeistof beter zichtbaar gemaakt. Het doel hiervan is het stellen van de diagnose en/of het mogelijk maken van een eventuele behandeling. Bij het fluorescentie- onderzoek wordt gebruik gemaakt van kleurstof. Deze kleurstof licht op wanneer zij met licht van een bepaalde kleur (golflengte) wordt beschenen. De in de oogheelkunde gebruikte kleurstof is natriumfluoresceïne.

Voordat de fluorescentie plaatsvindt, worden er meestal enkele kleurenfoto’s van het oog gemaakt. Dit gebeurt met hetzelfde fototoestel als de fluorescentie-foto’s. De kleurenfoto’s geven een indruk van de aandoening. De fluorescentie-foto’s geven aanvullende informatie over de bloedvaten en de verschillende lagen van het netvlies.

Wanneer wordt fluorescentie-onderzoek gedaan?

Een fluorescentie-angiogram wordt vooral gemaakt bij afwijkingen in het netvlies en/of het vaatvlies. Een angiogram kan een hulp zijn bij het vaststellen van een afwijking en eventuele lasertherapie. Uw oogarts bespreekt met u waarom hij/zij dit onderzoek bij u verricht. Het onderzoek wordt het meest verricht bij:

  • Patiënten met suikerziekte, waarbij afwijkingen zijn ontstaan aan het netvlies. 
  • Patiënten met afwijkingen aan de gele vlek (macula). 
  • Patiënten met afwijkingen aan de bloedvaten van het oog als gevolg van bijvoorbeeld hoge bloeddruk of arteriosclerose. 

Voorbereidingen

In bepaalde situaties kunnen bij fluorescentie-onderzoek problemen ontstaan. Overleg daarom in de volgende gevallen voor het onderzoek met de oogarts:

  • Als u allergisch/overgevoelig bent voor jodium, penicilline, contrastmiddelen of schaaldieren. 
  • Als u eerder een onderzoek met contrast-/kleurstof heeft ondergaan en daarbij hinder heeft ondervonden. 
  • Als u medicijnen gebruikt die vallen onder de groep Beta-Blokkers. 
  • Als u zwanger bent. 

Eten en drinken

Eet voorafgaand aan het onderzoek niet te veel om misselijkheid tegen te gaan:

  • Vindt het onderzoek vroeg in de ochtend plaats (voor 10.00 uur), neem dan slechts een licht ontbijt (een kop thee of koffie en een beschuit of boterham). Eet/drink vervolgens pas weer na het onderzoek. Het is belangrijk dat u wel ontbijt, want bij een lege maag is de kans op misselijkheid ook groter. 
  • Vindt het onderzoek in de loop van de dag plaats, dan adviseren wij u om minimaal twee uur voor het onderzoek niets meer te eten of te drinken. 
  • Heeft u suikerziekte, volg dan uw gewone dieet.

Vervoer regelen

Het is raadzaam om na het onderzoek niet zelf naar huis te rijden. Regelt u daarom vooraf een taxi of iemand die u naar huis brengt.

Kleding

Wij verzoeken u geen kleding met strakke mouwen te dragen in verband met een goede doorstroming van de vloeistof in de aders tijdens het onderzoek.

Meenemen naar het ziekenhuis

Neem op de dag van het onderzoek uw identiteitsbewijs mee naar het ziekenhuis.

Verhinderd

Bent u verhinderd? Wilt u dit dan uiterlijk 24 uur voor het onderzoek melden bij de polikliniek Oogheelkunde? Er kan dan iemand anders in uw plaats komen. Bovendien kunt u meteen een nieuwe afspraak maken.

Het onderzoek

Melden

Op de afgesproken tijd meldt u zich bij de balie van de polikliniek Oogheelkunde van het Diakonessenhuis op locatie Utrecht of locatie Zeist. U krijgt dan pupilverwijdende druppels toegediend. Het duurt vaak een half uur voordat de pupil mooi groot is. Als de pupil groot is, worden de foto's gemaakt.

Gang van zaken tijdens het onderzoek

U krijgt pupilverwijdende druppeltjes in beide ogen. Het netvlies en het vaatvlies van het oog kunnen zo beter bekeken worden (zie afbeelding). Vervolgens spuit de oogarts een kleine hoeveelheid kleurstof in een ader van de arm. Na ongeveer tien seconden bereikt deze vloeistof de bloedvaten van het oog. De vaten van het netvlies en het vaatvlies lichten hierdoor op. De optometrist of technisch oogheelkundig assistent (TOA) maakt met een speciale camera (funduscamera) foto's. Om de verschillende ‘vullingsfasen’ in de netvliesvaten goed te fotograferen worden de opnames snel na elkaar gemaakt (1 foto per seconde). Het onderzoek kan wat vervelend zijn vanwege het snelle flitsen van de camera.

Het onderzoek wordt uitgevoerd met gewoon licht. Er wordt geen gebruik gemaakt van röntgenstralen. De gebruikte kleurstof is niet radioactief.  

afbeelding Fluorescentie-onderzoek - Oog waarbij netvliesvaten zijn gekleurd met kleurstof

Duur van het onderzoek

Het onderzoek duurt 10 tot 30 minuten. De voorbereidingstijd met het druppelen is wat langer.

Na het onderzoek

Bijwerkingen

Na het onderzoek kunnen de volgende bijwerkingen optreden:

  • Door de verwijde pupillen en de felle verlichting tijdens het onderzoek kunt u enkele uren wat wazig zien. U kunt last hebben van nabeelden. Dit zijn vlekken die in het zicht ontstaan doordat er in het oog geflitst is. Hierdoor kunt u tijdelijk minder goed zien. Het kan prettig zijn een zonnebril te dragen na het onderzoek. 
  • Voorbijgaande misselijkheid en soms braken. Dit is het gevolg van de kleurstof die ingespoten wordt om de foto’s duidelijker te maken. 
  • Soms lekt de kleurstof tijdens de inspuiting direct uit het bloedvat. Hierdoor ontstaat een branderig gevoel en verkleurt de huid. De branderigheid verdwijnt na enkele minuten en de verkleuring na enkele dagen, zonder restverschijnselen. 
  • De kleurstof wordt door de nieren uitgescheiden, zodat de urine wat anders van kleur is. Ook kan hierdoor de huid geel kleuren (tot 24 uur na het onderzoek). Hierover hoeft u zich geen zorgen te maken. 
  • Een zeldzame bijwerking van het onderzoek is voorbijgaand bewustzijnsverlies (collaps). Ook allergische reacties (anaphylactische shock) kunnen voorkomen maar zijn zeldzaam.

Leefregels

Het is prettig om na het onderzoek een zonnebril te dragen. Ook kunt u de dag van het onderzoek beter niet in de felle zon gaan zitten. Het gebruik van de zonnebank wordt die dag afgeraden.

Vervoer naar huis

U wordt geadviseerd na het onderzoek niet zelf naar huis te rijden.

Problemen thuis

Doen zich thuis problemen voor, neem dan op werkdagen tussen 8.00 en 16.30 uur contact op met de polikliniek Oogheelkunde. Buiten de polikliniektijden, kunt u contact opnemen met het algemene telefoonnummer van het Diakonessenhuis. De receptie zal u doorverbinden met de dienstdoende arts.

Vragen

Heeft u na het lezen van deze folder nog vragen, neem dan contact op met uw oogarts. U kunt hiervoor op werkdagen tussen 8.00 en 16.30 uur bellen met de polikliniek Oogheelkunde. 

Telefoonnummers

Polikliniek Oogheelkunde
088 250 9429
 

Opmerkingen over de tekst

Vindt u iets onduidelijk beschreven? Of ontbreekt er informatie? Dat horen wij graag. U kunt opmerkingen over de tekst doorgeven via communicatie@diakhuis.nl.

Bijgewerkt op: 13 juli 2021

Code: OOG09