Lokalisatie van een tumor in de borst met een radioactief jodiumbronnetje

In uw borst is een afwijking (tumor) gevonden die binnenkort met een operatie verwijderd wordt. De afwijking is niet goed voelbaar of kan na behandeling met chemotherapie niet meer goed voelbaar zijn. Daarom krijgt u op de plaats van de afwijking een radioactief jodiumbronnetje. Dit bronnetje kunnen we tijdens de operatie opsporen (lokaliseren) met een speciaal apparaat, een zogenaamde detector. De afwijking wordt vervolgens met het bronnetje uit uw borst verwijderd. In deze folder vindt u informatie over het inbrengen van het bronnetje.

Wat is een radioactief bronnetje?

Het bronnetje is van metaal en 4 millimeter groot. Het geeft een hele lage dosis straling af die niet schadelijk is voor uw gezondheid. Het inbrengen van het bronnetje gebeurt op de afdeling Radiologie. Dit gebeurt enkele dagen voor de operatie of op de ochtend van de operatie. Het bronnetje blijft in uw borst zitten tot de operatie en wordt samen met de afwijking verwijderd. Op onderstaande foto’s ziet u een voorbeeld van een borst waarbij de afwijking is gelokaliseerd met een radioactief jodiumbronnetje.

Afbeelding van een afwijking in de borst door middel van een jodiumbronnetje

Afwijking in de borst gelokaliseerd met radioactief jodiumbronnetje (witte streepje)

Voorbereidingen

Voorbereiding thuis

Voor deze ingreep zijn geen voorbereidingen nodig. Als u een antistollingsmiddel gebruikt, meld dit dan vooraf wel bij uw arts.

Meenemen naar het ziekenhuis

Draag op de dag van de ingreep een beha met goede steun, bij voorkeur een sportbeha.

Verhindering

Bent u verhinderd? Neem dan zo spoedig mogelijk contact op met de afdeling Radiologie via telefoonnummer 088 250 6542.

Gang van zaken rond de ingreep

Melden

Tien minuten voor uw afspraak meldt u zich bij de balie van de afdeling Radiologie. Daarna neemt u plaats in de wachtkamer. Een laborant haalt u op uit de wachtkamer en brengt u naar de onderzoeksruimte.

Inbrengen van het bronnetje

Een radioloog brengt het bronnetje in. Dit kan op twee manieren.

Met echografie
Als de afwijking met echografie zichtbaar gemaakt kan worden, heeft dit de voorkeur. Dat gaat het snelst en het bronnetje kan dan via de kortste route in de afwijking worden gebracht. U ligt op een onderzoekstafel. De radioloog brengt het bronnetje met een naald onder echogeleide in de afwijking in de borst.

Met mammografie
Als de afwijking in de borst niet met echografie zichtbaar is, wordt het bronnetje ingebracht met behulp van een röntgenfoto. Bij dit onderzoek wordt de borst net als bij een mammografie aangedrukt. Er wordt hierbij wel minder druk op de borst uitgeoefend. De ingreep vindt in zittende houding plaats. Er worden verschillende foto’s gemaakt om de afwijking in beeld te brengen. De radioloog bepaalt de precieze plek van de afwijking en brengt met een naald het bronnetje in de afwijking in de borst.

Duur van de ingreep

De ingreep duurt 20 tot 30 minuten.

Na de ingreep

Bij- en nawerkingen

Na het inbrengen van het bronnetje kunt u nog enkele uren wat pijn voelen in het traject dat de naald heeft doorlopen. Van het bronnetje zelf merkt u niets. Er kan een kleine blauwe plek ontstaan.

Naar huis

Als de operatie op een andere dag plaatsvindt, kunt u na de ingreep doorgaans meteen naar huis. Er gelden geen leefregels. Dit betekent dat u de dingen kunt doen die u gewend bent te doen. Als de operatie meteen aansluitend plaatsvindt, blijft u in het ziekenhuis.

Vragen

Met vragen over deze ingreep kunt u terecht bij de afdeling Radiologie.

Telefoonnummers

Afdeling Radiologie Utrecht
088 250 6542

Opmerkingen over de tekst

Vindt u iets onduidelijk beschreven? Of ontbreekt er informatie? Dat horen wij graag. U kunt opmerkingen over de tekst doorgeven via communicatie@diakhuis.nl.

Bijgewerkt op: 30 april 2021

Code: RAD46