Problemen met ontlasting

Heeft u problemen met ontlasting? Hier leest u hoe die problemen ontstaan en wat u eraan kunt doen.

Wat is een normaal ontlastingspatroon?

De meeste mensen gaan tussen twee keer per dag en drie keer per week naar het toilet voor een grote boodschap. Let u verder op het volgende:

  • Uw ontlasting is niet te vast en niet te dun: goede ontlasting heeft de vorm van een worst. Harde keutels zijn een teken van verstopping of obstipatie. Brijige of waterige ontlasting is te dun.
  • Uw endeldarm kan goed geleegd worden: als er telkens ontlasting achterblijft, heeft u regelmatig een gevoel van aandrang om te ontlasten. U kunt sneller incontinent worden omdat u ongemerkt ontlasting verliest bij dagelijkse activiteiten.
  • U kunt uw ontlasting goed ophouden. Zijn uw bekkenbodemspieren en uw kringspier niet sterk genoeg of beschadigd? Dit kan leiden tot incontinentie. De bekkenbodemspieren spelen een heel belangrijke rol bij het ophouden van ontlasting. Ook de kringspieren spelen een belangrijke rol. Dit zijn twee spieren die de endeldarm afsluiten. U heeft een inwendige en een uitwendige kringspier. De uitwendige kringspier zorgt dat u uw ontlasting bij aandrang kunt ophouden.

Aandoeningen

Er zijn verschillende soorten problemen met ontlasting, die ook vaak tegelijk voorkomen.

Tips voor goed toiletgedrag

De manier waarop u naar het toilet gaat, kan invloed hebben op uw klachten. Lees onze tips voor goed toiletgedrag voor meer informatie.